Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
12
08
13
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door Koos Plegt
Dossier: Inkoop
Soort:

"Er gaat niets boven werken voor 16,5 miljoen aandeelhouders"

Personeelsbemiddelingsbureau InQuest behoort tot de top 10 van beste HR-bureaus, blijkt uit een ranking van zakenblad Management Team. In een serie van drie interviews over het bureau zelf, de markt en ontwikkelingen in inkoop komen de drie partners van InQuest aan het woord. Deze keer aflevering 3: Marc Brugman, Directeur Publiek.

Voor jouw komst in 2009 was InQuest sterk gericht op de private sector. Sindsdien zijn jullie ook sterk in het publieke domein. Wat is het voornaamste verschil tussen die twee werelden?
“Inkopers in de publieke sector zijn toch een wat ander type mensen dan hun collega’s in de private sector. De inkoper in de private sector moet zichzelf terugverdienen. Bij de overheid geldt dat natuurlijk ook, maar daar komen door wet- en regelgeving ook andere dimensies naar voren. De focus ligt op rechtmatigheid, prijs is daarvan een gevolg maar het dossier moet boven alles kloppend zijn.”

Hoe was voor jou de overstap van een bestaan als ambtenaar naar een bureau voor personeelsbemiddeling?
“Ik ben inkoopmanager geweest op het Ministerie van Defensie en daarna bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Het was een mooie ervaring om daar de ontwikkeling van de inkoopfunctie mee te maken. Ik vond het ook altijd bijzonder om met mensen te werken en teams te begeleiden. Het was natuurlijk een volledig nieuwe uitdaging om bij InQuest aan de slag te gaan, maar ook daar ben ik bezig om inkoop naar een hoger niveau te tillen en te kijken of mensen op de juiste plek zitten. Ik ben er vier jaar geleden met veel enthousiasme begonnen en ik kan zeggen dat we inmiddels een goede naamsbekendheid in de publieke sector hebben opgebouwd. Zelf vind ik het heel leuk om te zien dat er zo nu en dan iemand vanuit de private sector overstapt. Door middel van workshops en trainingen proberen we inkopers steeds weer mee te geven hoe bijzonder de publieke sector is.”

Waarom is de publieke sector zo leuk om in te werken als inkoper?
“Om te beginnen is dat omdat je voor de BV Nederland bezig bent, of op lokaal niveau aan projecten werkt waar een hele gemeenschap bij betrokken is. Je werkt in feite voor 16,5 miljoen aandeelhouders, met hun geld en als het misgaat worden zij vertegenwoordigd door bijvoorbeeld De Telegraaf en het Algemeen Dagblad. Het is allemaal heel tastbaar. Maar om het te doen, moet het toch wel echt in je genen zitten. Ik kan bijvoorbeeld zeggen dat we bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken vele miljoenen aantoonbaar hebben bespaard. Had ik dat gedaan in de private sector, dan kon de vlag uit en denk ik dat ik een tijdje heel leuk op vakantie had kunnen gaan. Op mijn departement kreeg ik het privilege van een kop koffie bij de Secretaris-Generaal. Zelf vond ik dat heel bijzonder. Wat betreft de secundaire voorwaarden zit je overigens prima bij de overheid, maar je wordt er niet rijk van. Er is een grens, mensen zitten op relatief jonge leeftijd al op een eindschaal.”

Worden er nog veel inkopers aangenomen in de publieke sector?
“Er is vooral veel vervangingsvraag, als gevolg van de vergrijzing. Dat is momenteel echt een probleem. Het publieke domein is maar een heel klein wereldje, bovendien zijn er niet zoveel mensen die bewust kiezen voor het inkoopvak. Als bureau voor personeelsbemiddeling kunnen wij hier van grote waarde zijn. Want heel veel inkopers binnen het publieke domein groeien als vanzelf door en zijn niet gewend zichzelf te verkopen. Daar komen wij om de hoek kijken. Met onze search-afdeling, maar ook, door inkopers rechtstreeks te benaderen. Wat vroeger headhunting heette, of executive search, doen we nu voor bijna alle functies. Inkopers vinden het prettig om gevraagd te worden, zo van ‘zou die functie iets voor jou zijn?’. Het zit toch een beetje in de genen van de inkoper. Een inkoper kan heel veel besparen of waarde toevoegen, maar je zult er zelden eentje tegenkomen die daar heel uitbundig over is. En juist in de publieke sector zitten veel kundige mensen, maar ze roepen het niet van de daken over zichzelf. Die mensen weten wij te vinden.”

Hoe sterk verandert inkoop als vak bij de overheid, door ontwikkelingen als de implementatie van de nieuwe aanbestedingswet?
“Heel sterk. Je ziet mogelijk zelfs nog meer angst, door verdergaande juridisering. Terwijl we dat juist niet beogen met de nieuwe aanbestedingswet. Er wordt nu ook meer verwacht van inkopers dat zij ‘outgoing’ zijn. Ik heb nu bijvoorbeeld klanten die mij vragen om mensen met in plaats van NEVI 1 en 2 een NIMA-diploma. Zij willen een inkoper die behalve inkopen ook in staat is zijn product te verkopen en deuren open te gooien. Zeker in de publieke sector is dat nodig, waar wet- en regelgeving vaak nog verkocht moet worden aan de omgeving. De inkoper heeft bijvoorbeeld vaak een budgethouder die een bepaald product nodig heeft en gewoon zegt: ‘Ik heb dit product in de folder zien staan en dat wil ik hebben.’ Als inkoper moet je dan uitleggen dat het niet zo werkt. Het vergt verkoopkwaliteiten om die boodschap over te brengen en toch samen tot een strategie te komen.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.