Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
28
10
13
Redactie
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door Redactie
Dossier: Inkoop
Soort:

Grotere keuzevrijheid in Europese aanbestedingsprocedures

De strakke regels die gelden voor aanbestedingen worden aanzienlijk versoepeld met de meest recente voorstellen voor een nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijn, waarbij bijv. straks ook een op mededinging gebaseerde onderhandelingsprocedure kan worden ingezet indien er geen standaardoplossingen beschikbaar zijn in de markt.

De aanbestedingswetgeving geldt voor de inkoop bij de overheid en aan de overheid gelieerde instellingen. Sinds 1 april van dit jaar is in Nederland de Aanbestedingswet van kracht. Bij het aannemen van deze wet werd er in Brussel echter al gewerkt aan een nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijn die de basis vormt voor de huidige Aanbestedingswet. Deze Europese richtlijn wordt rond de jaarwisseling door het Europees parlement en de Europese Commissie behandeld en moet binnen twee jaar in de net nieuwe Nederlandse Aanbestedingswet worden ingepast.

De nieuwe Europese regels leggen naast het bevorderen van concurrentie meer nadruk op het toepassen van sociale- en maatschappelijke aspecten bij de gunning van opdrachten werken, leveringen en diensten. Een ander opmerkelijk punt is dat voor alles waarvoor geen standaardproduct beschikbaar is in de markt, de onderhandelingsprocedure mag worden ingezet.

Het voordeel van een onderhandelingsprocedure is dat er veel beter door de leveranciers ingespeeld kan worden op de wensen van de opdrachtgever. Een nadeel van dit voorstel is een mogelijke “vlucht naar de onderhandelingsprocedure”, ook voor zaken waarvoor deze procedure niet nodig is om tot een voor de opdrachtgever bevredigend eindresultaat te komen en dus juist meer werk en administratieve lasten voor zowel leveranciers als aanbestedende diensten tot gevolg kan hebben. In de onderhandelingsprocedure is het voor aanbieders veel lastiger om na te gaan wat exact van ze gevraagd wordt en of ze daadwerkelijk eerlijk en netjes behandeld worden. Voorwaarde bij de inzet van de onderhandelingsprocedure is dat deze zeer zorgvuldig en professioneel gehanteerd moet worden.

Volgens de voorzitter van NEVI Publiek, de vereniging van inkopers in de publieke sector, en tevens voorzitter van de speciaal voor deze nieuwe Europese Richtlijnen opgestelde NEVI-werkgroep, professor Jan Telgen (Universiteit Twente) ligt hier ook een taak voor de Nederlandse wetgever: “Het omzetten van de Europese richtlijn in een Nederlandse wet is geen automatisme. Er is een groot aantal punten, die iedere lidstaat zelf mag invullen. Ook kunnen er allerlei extra zaken geregeld worden, zoals ook bij onze huidige wet is gebeurd. Eén van de punten waar de nieuwe wet zeker ook aandacht voor zou moeten hebben is de uitdaging voor aanbestedende diensten hoe de onderhandelingsprocedure zorgvuldig te kiezen en in te richten”. Het voorkomen van het te pas en te onpas inzetten van de onderhandelingsprocedure is behoorlijk lastig en de uitvoering van een onderhandelingsprocedure vergt een professionele inkoopfunctie volgens deze NEVI-werkgroep die naast Jan Telgen bestaat uit inkoop- en aanbestedingsexperts uit de publieke sector.

De nieuwe regels stellen extra eisen aan de inkopers. Als de regels precies voorgeschreven zijn, weet je vooraf ook precies wat je moet doen en wordt je veel minder gedwongen na te denken. In een onderhandelingsprocedure moet je zelf gaan bedenken hoe je het proces wilt inrichten: dat is geen sinecure. Aan ons en de overheid de taak om de professionaliteit van de inkopers op het vereiste niveau te brengen. NEVI-Publiek gaat die uitdaging graag aan” en is dan ook graag bereid om met het Ministerie en aanbieders om de tafel te gaan zitten om samen tot een goede oplossing te komen.”.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.