Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
08
04
13
Redactie
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door Redactie
Dossier: Economie
Soort:

Laagste inkoopmanagersindex in 10 maanden, PMI: 48.0

De NEVI PMI® kwam in maart uit op 48.0. Dit is het laagste cijfer sinds mei 2012. Ook de daling van de nieuwe orders was de grootste sinds mei 2012. Opnieuw was de binnenlandse markt het zwakke punt, want de exportorders stegen.
De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk nam opnieuw af, evenals de werkgelegenheid. Ook de inkoopactiviteiten verminderden, deze maand aanzienlijk en in de grootste mate sinds november. De voorraad ingekochte materialen daalde. De levertijden waren opnieuw langer en de voorraad gereed product kleiner. 
De inkoopprijzen daalden voor het eerst in zeven maanden. De verkoopprijzen werden voor het eerst in vijf maanden lager, zij het gering.

Redactionele commentaar prof dr Arjan van Weele, NEVI hoogleraar Inkoopmanagement TU Eindhoven. 
Het grote probleem in de Nederlandse economie is en blijft de zwakke binnenlandse vraag. Dat blijkt ook nu weer uit de NEVI-Purchasing Managers Index (PMI) van maart. Deze kwam uit op 48.0 (in februari: 49.0), hetgeen betekent dat de economische bedrijvigheid in onze industrie wederom op een lager peil kwam dan de maand ervoor (kantelpunt ligt bij een waarde van 50.0). Aan onze export ligt het niet. De export index scoorde wederom een waarde boven 50,0 en kwam uit op 51.6. De export houdt de economische schade tot nog toe beperkt. Maar de binnenlandse nieuwe order index scoort al zes maanden op rij lager dan 50.0 en kwam nu uit op 47.2. Klein lichtpunt is de daling van de inkoopprijzen (sinds vele maanden). Als gevolg pasten producenten direct hun verkoopprijzen aan (49.4). Verlaging van prijsniveaus is een voorwaarde om vraag in de markt te creëren. Producenten verwachten verdere inkoopprijsdalingen. Dat zou voor onze economie een goede ontwikkeling zijn. De vraag zou daardoor kunnen aantrekken en dat zou ook goed zijn voor de werkgelegenheid. Want dat producenten in het huidige economische tij hun voorraden en werkkapitaal en ook het aantal arbeidsplaatsen nog steeds aan het verlagen zijn, kan geen beleidsmaker hen kwalijk nemen. Ik verhoog mijn rapportcijfer naar een 5.8 (was 5.7).  

Drie deelindices uitgelicht:
Nieuwe orders index
Het aantal ontvangen nieuwe orders dat in maart bij de Nederlandse productiebedrijven werd geplaatst, was opnieuw kleiner. Hiermee komt de huidige periode van krimp uit op zes maanden. Deze afname was bovendien de grootste sinds mei 2012. De panelleden noemden  onder meer de moeilijke marktomstandigheden en zwakke vraag als oorzaken voor de vermindering van het aantal orders.


Nieuwe export orders index
De gegevens voor maart wijzen voor de negende maand op rij op een stijging van het aantal ontvangen nieuwe export orders bij de Nederlandse productiebedrijven. Deze groei was echter beperkt en de op een na kleinste in deze periode. De producenten van zowel consumptiegoederen als halffabricaten maakten melding van een toename, terwijl de producenten van investeringsgoederen een daling noteerden.


Werkgelegenheid index
In maart daalde voor de tweede opeenvolgende maand de werkgelegenheid in de Nederlandse productiesector. Het banenverlies was aanzienlijk, al was dit iets kleiner dan in februari. De panelleden gaven bedrijfsreorganisaties en het niet vervangen van vrijwillig vertrekkende personeelsleden als redenen voor de kleinere personeelsbestanden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.