Inloggen
Login met InkopersCafé account Account aanmaken

Premium logo's

Premium logo's

Premium partners

Sidebar premium

Sidebar premium

Gold partners

Sidebar gold

Sidebar gold

Silver partners

Sidebar silver

Sidebar silver
13
11
1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars
Door webmaster
Dossier: Index / overzicht / marktplaats / overig
Soort:

Outsourcing en pps gaan gezicht facilitaire inkoop bepalen

De facilitaire inkoop maakt in het voetspoor van de productgebonden inkoop een fase van professionalisering door. Facilitair dienstverlener. kenner en publicist Nico Lemmens onderscheidt twee trends die de komende jaren het gezicht van de facilitaire inkoop en de inkoper gaan bepalen: integrale outsourcing en integrale bouw- en beheerprocessen. “Het wordt een buitengewoon interessante tijd.”


In een ingezonden brief aan Facto Magazine liet Nico Lemmens onlangs zijn licht schijnen over de nabije toekomst van de facilitaire inkoop en facility management. De titel is exemplarisch voor de opvattingen van Lemmens: Professionaliseren of miezemuizen. Allereerst wees Lemmens op de kansen die outsourcing en pps bieden om het vak naar een hoger niveau te tillen. Vervolgens trok hij van leer tegen lieden die noviteiten met argwaan tegemoet zien. Lemmens heeft een hekel aan kleingeestige belanghebbenden die het debat met ‘discutabele argumenten’ proberen te gijzelen. Hij bestrijdt ze met autoriteit. Lemmens heeft een gevarieerd verleden als manager. tegenwoordig bij ISS Services. Hij neemt zitting in verschillende vakbesturen en -commissies. Hij is onder meer werkzaam als hoofdredacteur van Facility Management Informatie en FM Executive. Daarnaast schreef hij het geprezen Facility Services in Nederland. dat de professionalisering van de facilitaire dienstverlening beschrijft.

Nico Lemmens
Op de vraag of de af en toe scherpe uithalen in vakbladen een stijlvorm zijn. antwoordt Lemmens ontkennend. We zitten in het Utrechtse hoofdkwartier van ISS Services. Daar vervult Lemmens de functie van manager Customer Relations. “Meestal zijn mijn artikelen meer beschrijvend van aard. zegt hij. Maar zekere personen proberen met oneigenlijke argumenten bepaalde ontwikkelingen tegen te werken. omdat ze daar zelf belang bij hebben. De facility manager bijvoorbeeld. die zijn hiërarchische positie ziet veranderen. Tegen die denkwijze schrijf ik. De processen moeten zwaarder wegen dan het persoonlijke belang van individuen.” Maar de emoties zijn begrijpelijk. zegt Lemmens. Want er is veel aan het veranderen in de wereld van inkoop en facility. “Tegenwoordig is het nog gemeenzaam om facility gedecentraliseerd in te kopen. met de versnippering en wildgroei van crediteuren die er eigen aan is. Tegelijkertijd winnen twee verschillende ontwikkelingen aan belang. Horizontaal zie je een integratie van verschillende facilitaire diensten binnen ??n contract. zoals bij uitbesteding. Verticaal zie je integratie doordat partijen bij publiek-private samenwerking al vanaf het ontwerp intensief met elkaar samenwerken en bijvoorbeeld een kantoorgebouw aan de eisen van de dienstverlener inrichten.

De eerstgenoemde integratievorm betekent een verschuiving van de inkoop. Business unit managers moeten langlopende relaties met leveranciers gaan verbreken en gaan samenwerken met de centrale inkoop.” Zij veranderen langzaam van hiërarchische bazen in opdrachtgevers. “Dat is een emotionele omschakeling.” Aan de andere kant moeten inkopers bij outsourcing en pps functioneel leren specificeren. Want contracten worden voor een langere periode aangegaan en bevatten een bundeling aan diensten. “Inkopers moeten de marktconformiteit op de lange termijn waarborgen. Daarnaast krijgt het vraagstuk van de risicobeoordeling -en allocatie meer gewicht. evenals het contractmanagement. En bovendien krijgen inkopers te maken met interne klanten die allen zeer verschillende en specifieke wensen hebben. Er moet een midden gevonden worden om iedereen tevreden te stellen. ” Deze twee ontwikkelingen zijn een enorme stimulans voor inkoop en facility management. zegt Lemmens. “Het dwingt inkopers om intelligenter te werk te gaan. om kwaliteit en een lage prijs voor een lange periode te waarborgen. Om een duurzame samenwerking met aanbieders aan te gaan. Daar ligt een enorme uitdaging. De inkoper moet marktconformiteit zien te garanderen. regelmatig benchmarken en onderhandelen over contractonderdelen. Kortom: de eisen zijn hoger en minder gemakkelijk uit te voeren. Voor de facility manager betekent het dat hij niet langer de hiërarchische baas is van een uitvoerende organisatie. maar een professionele opdrachtgever van interne leveranciers (zoals shared service centers) en externe leveranciers.” Toenemende uitbesteding en pps heeft bovendien als gevolg dat ook de aanbiederkant zich blijft ontwikkelen. verklaart Lemmens. Multi-servicecontracten gaan gepaard met een herontwerp van facilitaire processen. Dat heeft een verbetering van de dienstverlening als gevolg. Op verschillende vlakken hebben beide integratiebewegingen effect op de professionalisering.

Toch blijven outsourcing en pps subjectieve keuzen. zegt Lemmens. “Nike heeft bijvoorbeeld bijna alle bedrijfsonderdelen afgestoten om aan wendbaarheid te winnen. Van der Valk doet alles in eigen beheer. Beide zijn succesvol. Kun je dan een algemeen oordeel of advies geven over de wenselijkheid ervan? Nee. elk bedrijf heeft zijn eigen motieven om het wel of niet te doen.” Maar wanneer het wordt toegepast. stelt Lemmens nogmaals. liggen er kansen voor de professionalisering van inkoop en facility management. “Sommigen worden daar beter van. Anderen verliezen mogelijk hun baan. of hebben moeite met het gegeven dat ontwikkelingen hiërarchische veranderingen als gevolg kunnen hebben." Zij zijn het die veranderingen begrijpelijkerwijs proberen tegen te houden en op dubieuze wijze bestrijden door de beroepsgroep centraal te stellen. Op een andere gebied ziet Lemmens een vergelijkbare manier van denken die volgens hem niet alleen verkeerd is. maar bovendien averechts werkt. “De klassieke beroepsverenigingen als FMN en NEVI hebben de neiging om de beroepsbeoefenaar centraal te stellen. en werken aan imagoverbetering door bijvoorbeeld academische status te verwerven via certificeringen en leerstoelen. Dat gaat voorbij aan marketingprincipes. Het topmanagement laat zich echt niet sensibiliseren. Daar denken ze: ‘Kijk. daar komt weer wat overhead aan’. Maar dat is niet het belangrijkste. Het moet over processen gaan en niet over beroepsgroepen –of beoefenaren.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.